Hoger beroep in strafzaken algemeen
Wat is de termijn om hoger beroep in te stellen in een strafzaak?
De termijn is veertien dagen na de einduitspraak van de rechtbank. Binnen die periode moeten u of het Openbaar Ministerie het hoger beroep instellen, anders wordt het vonnis onherroepelijk en staat de uitspraak definitief vast. De termijn is fataal, dus elke dag telt. Wanneer die veertien dagen precies beginnen te lopen, hangt af van uw aanwezigheid bij de zaak:| Situatie | Start van de termijn | |
|---|---|---|
| Dagvaarding in persoon betekend, of u was op de zitting, of u was anderszins op de hoogte van de zittingsdatum | De dag na de einduitspraak (art. 408 lid 1 Sv) | |
| U was niet aanwezig en dat bleek ook niet | Pas vanaf het moment dat blijkt dat het vonnis u bekend is, meestal na betekening (art. 408 lid 2 Sv) |
Omdat de termijn kort is en het startmoment per zaak verschilt, is het verstandig direct na ontvangst van het vonnis contact met ons op te nemen. Onze advocaten beoordelen wanneer de termijn loopt en stellen het beroep zo nodig zekerheidshalve tijdig in.
Bij welk gerecht loopt hoger beroep en wat is het verschil met cassatie?
Hoger beroep in een strafzaak loopt bij het gerechtshof. Na het instellen zendt de griffier van de rechtbank de processtukken zo spoedig mogelijk door aan de griffier van het gerechtshof (art. 409 Sv). Het hof beoordeelt de zaak opnieuw en houdt altijd een zitting. Een strafzaak kan in hoger beroep niet zonder zitting worden afgedaan.
Het is belangrijk om hoger beroep te onderscheiden van cassatie. Beide zijn rechtsmiddelen, maar zij dienen een ander doel:
| Hoger beroep | Cassatie | ||
|---|---|---|---|
| Instantie | Gerechtshof | Hoge Raad | |
| Wat wordt beoordeeld | De feiten en het recht, een volledige herbeoordeling | Alleen of het recht juist is toegepast en de uitspraak voldoende is gemotiveerd | |
| Nieuwe getuigen of bewijs | Mogelijk | Niet, de Hoge Raad stelt geen feiten meer vast |
Na het arrest van het gerechtshof staat dus alleen nog cassatie bij de Hoge Raad open. De Hoge Raad gaat niet opnieuw over de schuldvraag, maar toetst de juridische houdbaarheid van de uitspraak.
Kan de straf in hoger beroep hoger uitvallen dan bij de rechtbank?
Ja, dat kan. In het strafrecht geldt geen algemeen verbod op reformatio in peius. Dat betekent dat u door uw eigen hoger beroep slechter af kunt zijn dan voor de rechtbank. Het gerechtshof beoordeelt de zaak volledig opnieuw en kan de straf verlagen, handhaven of verhogen, of u alsnog vrijspreken.
Niet voor niets wordt gezegd dat appelleren ook riskeren is. De mogelijke uitkomsten zijn:
- Lagere straf, bijvoorbeeld een kortere gevangenisstraf of een taakstraf in plaats van celstraf.
- Gelijke straf, als het hof het vonnis van de rechtbank in stand laat.
- Hogere straf, want het hof is niet gebonden aan de strafmaat van de rechtbank.
- Vrijspraak, als het hof het bewijs onvoldoende acht.
Daarom wegen onze advocaten vooraf met u af of de kans op verbetering opweegt tegen het risico van een zwaardere uitkomst. Die afweging maken wij per zaak, op basis van het dossier en de bewijspositie.
Kan het Openbaar Ministerie hoger beroep instellen tegen een vrijspraak?
Ja. Zowel de veroordeelde als de officier van justitie kan hoger beroep instellen tegen een uitspraak. Het Openbaar Ministerie kan ook appelleren tegen een vrijspraak. U als verdachte kunt dat niet, omdat een vrijspraak het beoogde resultaat al is en u daarbij geen belang heeft.
In de praktijk betekent dit dat een vrijspraak bij de rechtbank nog geen eindpunt hoeft te zijn. Stelt het OM beroep in, dan wordt de zaak opnieuw beoordeeld door het gerechtshof en bestaat opnieuw het risico op een veroordeling. Andersom kan het OM ook in beroep tegen een lagere strafmaat dan het eiste.
Onze advocaten staan u in beide situaties bij. Verdedigen wij u tegen een hoger beroep van het OM, dan richten wij ons op het behoud van de gunstige uitspraak en op weerlegging van de grieven van de officier. Wij houden u bovendien op de hoogte van de termijnen, zodat u weet wanneer een vrijspraak echt definitief is geworden.
Wat houdt het voortbouwend appel in en waarom is de appelschriftuur belangrijk?
Het uitgangspunt is het voortbouwend appel: het hof bouwt voort op het vonnis in eerste aanleg en concentreert zich op de bestreden punten. Dit is sinds de Wet stroomlijnen hoger beroep (in werking 2007) de hoofdregel. De zaak wordt niet volledig opnieuw uitgeprocedeerd, maar toegespitst op de bezwaren die u of het OM aandragen.
Daarbij speelt de appelschriftuur, in het strafrecht de schriftuur houdende grieven, een centrale rol:
| Partij | Schriftuur | Termijn | |
|---|---|---|---|
| Openbaar Ministerie | Verplicht | Binnen veertien dagen na het instellen van hoger beroep (art. 410 lid 1 Sv) | |
| Verdachte | Niet verplicht, wel mogelijk | Binnen veertien dagen, met opgave van te horen getuigen en deskundigen (art. 410 lid 3 Sv) |
Dient u geen schriftuur in en geeft u ter zitting ook geen bezwaren op, dan kan het hof het hoger beroep zonder onderzoek niet-ontvankelijk verklaren (art. 416 lid 2 Sv). Een goed onderbouwde appelschriftuur is daarom van groot belang. Onze advocaten stellen die op en bepalen samen met u welke onderdelen van het vonnis worden aangevochten.
Kan ik nieuwe getuigen of bewijs aandragen in hoger beroep?
Ja. In hoger beroep mogen nieuwe getuigen worden opgeroepen en nieuwe stukken worden overgelegd (art. 414 Sv). Welk criterium het hof bij een getuigenverzoek toepast, hangt ervan af of u de getuige tijdig bij appelschriftuur heeft opgegeven:
- Tijdig bij schriftuur opgegeven: het hof beoordeelt het verzoek in beginsel naar het verdedigingsbelang, een soepeler maatstaf.
- Niet bij schriftuur opgegeven: het hof kan oproeping weigeren als horen ter zitting niet noodzakelijk is, het noodzaakscriterium (art. 418 lid 3 Sv).
Hoe u en wanneer u een getuige opgeeft, maakt dus verschil voor de kans dat het verzoek wordt toegewezen. De afweging die het hof daarbij maakt, is in de rechtspraak verder ingekleurd, maar de wettelijke hoofdregel is het onderscheid tussen verdedigingsbelang en noodzaakscriterium. Onze advocaten bepalen vroeg in de procedure welke getuigen relevant zijn en zorgen dat verzoeken tijdig en gemotiveerd in de schriftuur staan, zodat de gunstigste maatstaf van toepassing is.
Wanneer geldt het verlofstelsel?
Het verlofstelsel geldt alleen in een beperkte categorie lichte zaken. Op grond van art. 410a Sv beslist de voorzitter van het gerechtshof of inhoudelijke behandeling nodig is in het belang van een goede rechtsbedeling. Het stelsel geldt uitsluitend als aan beide voorwaarden tegelijk is voldaan:
- Het hoger beroep betreft een feit met een strafmaximum van ten hoogste vier jaar gevangenisstraf, en
- er is geen andere straf of maatregel opgelegd dan een geldboete van in totaal maximaal 500 euro.
Een vonnis met enkel een lage boete valt dus niet automatisch onder het verlofstelsel. Is bijvoorbeeld ook een rijontzegging of taakstraf opgelegd, of staat op het feit meer dan vier jaar cel, dan geldt het stelsel niet en wordt het beroep gewoon inhoudelijk behandeld. Wordt het verlof geweigerd, dan staat het vonnis vast. Onze advocaten beoordelen of het verlofstelsel speelt en onderbouwen waarom een inhoudelijke behandeling in uw belang is.
Kan ik een ingesteld hoger beroep nog intrekken?
Ja, maar alleen tot het moment waarop de behandeling van het beroep ter zitting begint. Tot de aanvang van de behandeling kan het hoger beroep worden ingetrokken (art. 453 lid 1 Sv). De intrekking gebeurt door een verklaring op de griffie (art. 454 Sv). Zodra de behandeling is begonnen, is intrekken niet meer mogelijk.
Intrekken kan zinvol zijn als bij nader inzien blijkt dat het beroep meer risico dan kans oplevert, bijvoorbeeld wanneer het hof de straf zou kunnen verhogen. Omdat in het strafrecht geen algemeen verbod op een zwaardere uitkomst geldt, is dit een reële afweging. Onze advocaten houden tijdens de voorbereiding steeds in de gaten of doorzetten verstandig is en adviseren u tijdig als intrekken de betere keuze lijkt.
Goed om te weten: in het strafrecht hoeft u als verdachte geen griffierecht te betalen om hoger beroep in te stellen. Anders dan in civiele en bestuursrechtelijke zaken is het instellen van strafrechtelijk hoger beroep griffierechtvrij.
Wat doen onze advocaten in uw hoger beroep?
Onze advocaten stellen het hoger beroep binnen de termijn van veertien dagen in en bewaken vanaf dat moment elke processtap. Wij analyseren het vonnis van de rechtbank en het volledige dossier, en bepalen samen met u welke onderdelen worden aangevochten.
Concreet betekent dat:
- Het tijdig instellen van het beroep bij de juiste griffie.
- Het opstellen van een onderbouwde appelschriftuur met de grieven en eventuele getuigenverzoeken.
- Het voorbereiden van de zitting en het bepalen van de verdedigingsstrategie.
- Het voeren van het woord op de zitting van het gerechtshof.
Hoger beroep volgt vaak op een eerdere zitting, bijvoorbeeld bij de Dagvaarding politierechter of de Dagvaarding meervoudige strafkamer. Ook na een Oproep OM-zitting of bij een Vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf kan een vervolgstap aan de orde zijn. Neem zo snel mogelijk contact op na ontvangst van uw vonnis, zodat wij de termijn veiligstellen en de kansen van uw zaak met u bespreken.
Bronnen
- Wetboek van Strafvordering, art. 408 (termijn hoger beroep), wetten.overheid.nl
- Wetboek van Strafvordering, art. 409, 410, 410a, 414, 416 en 418, wetten.overheid.nl
- Wetboek van Strafvordering, art. 453 en 454 (intrekken), wetten.overheid.nl
- Hoger beroep in een strafzaak, rechtspraak.nl
- Hoger beroep, Openbaar Ministerie
- Stroomlijnen hoger beroep (30.320), Eerste Kamer
- Wat is griffierecht, Rijksoverheid