Naar inhoud
Familie- en jeugdrecht Spoed-route · 6 min lezen ·

Ondertoezichtstelling (OTS)

Een ondertoezichtstelling van uw kind voelt als een inbreuk op uw gezin, ook al blijft uw kind in de meeste gevallen gewoon thuis wonen. Onze advocaten leggen u uit wat de gezinsvoogd wel en niet mag, beoordelen of de kinderrechter de maatregel terecht heeft opgelegd en stellen waar nodig verweer op. We staan naast u tijdens de zitting, vechten onterechte schriftelijke aanwijzingen aan en gaan, als dat kan, in hoger beroep. Bij FTW geldt: recht is mensenwerk, en uw kind staat voorop.

Wat is ondertoezichtstelling?

Ondertoezichtstelling (OTS) is een kinderbeschermingsmaatregel, geregeld in artikel 1:255 BW. De kinderrechter stelt een minderjarige onder toezicht van een gecertificeerde instelling (GI). Anders dan bij een uithuisplaatsing blijft uw kind in de meeste gevallen gewoon thuis wonen. U houdt als ouder het ouderlijk gezag en blijft verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding. Wel komt er een gezinsvoogd vanuit de GI die meekijkt en meebeslist, en wiens hulp en steun u bij de opvoeding moet accepteren.

De kinderrechter mag een OTS alleen uitspreken als aan drie voorwaarden is voldaan (art. 1:255 lid 1 BW): het kind groeit zo op dat het in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, de zorg die nodig is om die bedreiging weg te nemen wordt niet of onvoldoende door de ouders met gezag geaccepteerd, en de verwachting is gerechtvaardigd dat u binnen een aanvaardbaar te achten termijn de verantwoordelijkheid voor verzorging en opvoeding weer zelf kunt dragen. Een OTS volgt dus pas als vrijwillige hulp geen effect heeft of niet wordt geaccepteerd.

Het is belangrijk de OTS scherp te onderscheiden van uithuisplaatsing. Bij een OTS blijft uw kind thuis en houdt u het gezag. Een uithuisplaatsing is een aparte, zwaardere machtiging (art. 1:265b BW) die de kinderrechter daarnaast kan verlenen. Meer daarover leest u op onze pagina over uithuisplaatsing.

Wat staat u te wachten?

De Raad voor de Kinderbescherming onderzoekt of de ontwikkeling van uw kind in gevaar is. Komt de Raad tot die conclusie, dan vraagt de Raad de kinderrechter om de OTS uit te spreken. Een verzoek kan ook komen van het Openbaar Ministerie, en onder voorwaarden van een ouder of van degene die het kind als behorend tot zijn gezin verzorgt en opvoedt (art. 1:255 lid 2 BW). De kinderrechter beslist.

In de beschikking vermeldt de kinderrechter de concrete ontwikkelingsbedreigingen van uw kind en de daarop afgestemde duur waarvoor de OTS geldt (art. 1:255 BW). De schriftelijke uitspraak, met de motivering, wordt daarna per post toegestuurd. De OTS duurt in beginsel ten hoogste een jaar (art. 1:258 BW). De kinderrechter kan de maatregel telkens met ten hoogste een jaar verlengen, zolang nog aan de grond van artikel 1:255 lid 1 BW wordt voldaan (art. 1:260 BW). De wet stelt geen absoluut maximum aan het totale aantal verlengingen; elke verlenging moet wel opnieuw worden getoetst.

Uw rechten

U behoudt tijdens de OTS het ouderlijk gezag en blijft verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van uw kind. U heeft het recht om bij de zitting aanwezig te zijn en uw standpunt aan de kinderrechter voor te leggen. Tegen de beschikking kunt u in hoger beroep bij het gerechtshof; daarvoor is een advocaat verplicht. De beroepstermijn is in beginsel drie maanden na de uitspraak (art. 358 lid 2 Rv). Neem op tijd contact op, dan bewaken wij die termijn voor u.

Geeft de GI u een schriftelijke aanwijzing over de verzorging en opvoeding (art. 1:263 BW), dan kunt u die aanvechten. Op verzoek van een ouder met gezag, of van het kind van twaalf jaar of ouder, kan de kinderrechter een schriftelijke aanwijzing geheel of gedeeltelijk vervallen verklaren (art. 1:264 BW). De termijn daarvoor is kort: twee weken, ingaand op de dag na verzending of uitreiking. Bent u het oneens met de GI zelf, dan kan de kinderrechter de instelling op verzoek vervangen door een andere GI (art. 1:259 BW).

Wat doet uw advocaat?

Uw advocaat beoordeelt eerst of de OTS terecht is opgelegd: is de ontwikkeling van uw kind echt ernstig bedreigd, en is vrijwillige hulp daadwerkelijk geprobeerd? Op basis daarvan stellen we verweer op voor de zitting, of bereiden we een verlengingszitting voor. We staan u bij tijdens de behandeling bij de kinderrechter en lichten uw situatie toe.

Krijgt u een schriftelijke aanwijzing die u onredelijk vindt, dan dienen wij binnen de termijn van twee weken een verzoek in om die te laten vervallen (art. 1:264 BW). Loopt de samenwerking met de gezinsvoogd vast, dan kunnen we vragen om vervanging van de GI (art. 1:259 BW). En als de beschikking niet deugt, stellen we hoger beroep in bij het gerechtshof.

Voor procedures over ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing kunt u gesubsidieerde rechtsbijstand aanvragen via een toevoeging (zaakcode P043). Of u daarvoor in aanmerking komt, hangt af van uw inkomen en vermogen. Voor aanvragen vanaf 1 januari 2026 (op basis van de fiscale gegevens over 2024) geldt een inkomensgrens tot 35.400 euro voor alleenstaanden en tot 50.000 euro voor gehuwden, samenwonenden en eenoudergezinnen. Bij toekenning betaalt u een eigen bijdrage, die in 2026 bij personen- en familierechtzaken loopt van 448 euro tot 1.120 euro, afhankelijk van uw inkomen. De actuele bedragen vindt u bij de Raad voor Rechtsbijstand.

Wanneer contact opnemen?

Heeft u een oproep voor een zitting ontvangen, een schriftelijke aanwijzing van de GI gekregen, of overweegt u hoger beroep? Neem dan zo snel mogelijk contact met ons op. Vooral bij schriftelijke aanwijzingen telt elke dag: de termijn om die aan te vechten is maar twee weken. Wij beoordelen uw situatie en bespreken de beste vervolgstap.

Achtergrondinformatie vindt u bij de Rijksoverheid over jeugdbescherming en bij Rechtspraak.nl over de procedurestappen.

Bronnen

Portret van Justus Sietsma, Advocaat

Gedreven door rechtvaardigheid, gewapend met scherp juridisch inzicht en geleid door een sterk moreel kompas, ga ik voor het beste resultaat.

Justus Sietsma Advocaat
Naar het profiel van Justus
Uw rechten in 60 seconden

Wat u moet weten

Onderzoek en verzoek
De Raad voor de Kinderbescherming onderzoekt of uw kind in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd. Komt de Raad tot die conclusie, dan vraagt de Raad de kinderrechter om de ondertoezichtstelling uit te spreken (art. 1:255 BW). Wij beoordelen het verzoek en stellen waar nodig verweer op.
Zitting bij de kinderrechter
De kinderrechter behandelt het verzoek op zitting. U mag aanwezig zijn en uw standpunt geven; uw advocaat staat naast u. De schriftelijke beschikking, met de concrete ontwikkelingsbedreigingen en de duur, volgt daarna per post.
Uitvoering, aanwijzingen en hoger beroep
Een gezinsvoogd van de gecertificeerde instelling begeleidt het gezin. Bent u het oneens met een schriftelijke aanwijzing, dan vechten wij die binnen twee weken aan (art. 1:264 BW). Tegen de beschikking kunnen wij voor u hoger beroep instellen bij het gerechtshof; wij bewaken daarvoor de beroepstermijn.
FAQ

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing?

Bij een ondertoezichtstelling (art. 1:255 BW) blijft uw kind in de meeste gevallen thuis wonen en houdt u het ouderlijk gezag; er komt een gezinsvoogd die meebeslist. Een uithuisplaatsing is een aparte, zwaardere machtiging (art. 1:265b BW) waarbij uw kind feitelijk elders verblijft. De kinderrechter kan een uithuisplaatsing naast de OTS verlenen. Meer leest u op onze pagina over uithuisplaatsing.

Blijft mijn kind thuis wonen bij een OTS?

Ja, in de meeste gevallen blijft uw kind tijdens de ondertoezichtstelling gewoon thuis wonen. U houdt het ouderlijk gezag en blijft verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding. Wel moet u de hulp en steun van de gezinsvoogd accepteren. Alleen via een aparte machtiging uithuisplaatsing (art. 1:265b BW) kan uw kind elders worden geplaatst.

Wanneer kan de kinderrechter een OTS uitspreken?

De kinderrechter kan een OTS alleen uitspreken als aan drie voorwaarden is voldaan (art. 1:255 lid 1 BW): uw kind wordt in zijn ontwikkeling ernstig bedreigd, de noodzakelijke zorg wordt niet of onvoldoende door de ouders met gezag geaccepteerd, en de verwachting is gerechtvaardigd dat u binnen een aanvaardbaar te achten termijn de verantwoordelijkheid weer zelf kunt dragen. Een OTS volgt pas als vrijwillige hulp geen effect heeft of niet wordt geaccepteerd.

Hoe lang duurt een ondertoezichtstelling?

Een OTS duurt in beginsel ten hoogste een jaar (art. 1:258 BW). De kinderrechter kan de maatregel telkens met ten hoogste een jaar verlengen, zolang nog aan de gronden van artikel 1:255 lid 1 BW wordt voldaan (art. 1:260 BW). De wet stelt geen absoluut maximum aan het totale aantal verlengingen; bij elke verlenging toetst de kinderrechter opnieuw of de maatregel nog nodig is.

Wat is een gezinsvoogd en wat mag die beslissen?

De gezinsvoogd werkt voor de gecertificeerde instelling (GI) die de OTS uitvoert. De GI houdt toezicht en zorgt dat aan uw kind en aan u hulp en steun worden geboden om de ontwikkelingsbedreigingen weg te nemen (art. 1:262 BW). De gezinsvoogd kan namens de GI een schriftelijke aanwijzing geven over de verzorging en opvoeding (art. 1:263 BW), die u in beginsel moet opvolgen. U houdt wel het ouderlijk gezag.

Kan ik een schriftelijke aanwijzing van de GI aanvechten?

Ja. Op verzoek van een ouder met gezag, of van het kind van twaalf jaar of ouder, kan de kinderrechter een schriftelijke aanwijzing geheel of gedeeltelijk vervallen verklaren (art. 1:264 BW). De termijn is kort: twee weken, ingaand op de dag na verzending of uitreiking van de beslissing. Neem daarom snel contact op met een advocaat.

Kan ik in hoger beroep tegen een OTS-beschikking?

Ja. U kunt hoger beroep instellen bij het gerechtshof tegen de beschikking van de kinderrechter. Hiervoor is een advocaat verplicht; u kunt niet zelf in hoger beroep. De beroepstermijn is in beginsel drie maanden na de uitspraak (art. 358 lid 2 Rv), dus neem op tijd contact op. Wij beoordelen of hoger beroep kansrijk is, bewaken de termijn en stellen het beroepschrift voor u op.

Kom ik in aanmerking voor gesubsidieerde rechtsbijstand?

Voor procedures over ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing kunt u een toevoeging aanvragen (zaakcode P043). Of u daarvoor in aanmerking komt, hangt af van uw inkomen en vermogen. Voor aanvragen vanaf 1 januari 2026 geldt een inkomensgrens tot 35.400 euro voor alleenstaanden en tot 50.000 euro voor gehuwden, samenwonenden en eenoudergezinnen. Bij toekenning betaalt u een eigen bijdrage, die in 2026 bij familierechtzaken loopt van 448 euro tot 1.120 euro. De actuele bedragen vindt u bij de Raad voor Rechtsbijstand.

Zo pakken wij uw familie- of jeugdzaak aan

Vanaf het eerste telefoontje krijgt u dezelfde advocaat. Geen overdracht, geen herhaling van uw verhaal.

Twee advocaten in overleg over een dossier bij FTW Advocaten
  1. 1
    Bellen of formulier

    U belt 088 544 4333 of vraagt een terugbel-moment aan. Wij beoordelen uw situatie en plannen zo spoedig mogelijk een gesprek.

    Gem. < 90 sec
  2. 2
    Kennismaking en strategie

    Het eerste gesprek, telefonisch of op kantoor, is kosteloos en vrijblijvend. Wij bespreken uw situatie, geven een eerste juridische inschatting en bekijken of pro deo rechtsbijstand of uw rechtsbijstandsverzekering een rol kan spelen.

    Kosteloos
  3. 3
    Aan de slag

    U krijgt één vaste advocaat voor uw dossier. Mobiel bereikbaar, aanwezig op zittingen, niet doorgeschoven naar collega's.

    Per zaak
Ervaringen

De waardering van onze cliënten

Bekijk alle ervaringen op Google
4,5 44 ervaringen via Google

Verwante onderwerpen

Contact

Vraag stellen over ondertoezichtstelling (ots)

Een eerste, oriënterend gesprek is kosteloos. We nemen zo spoedig mogelijk contact met u op.

Uw gegevens worden volledig vertrouwelijk behandeld. Wij gebruiken ze uitsluitend om contact met u op te nemen over uw vraag.

Contactformulier

Velden met zijn verplicht.

App Mail Bellen