Op 14 maart 2024 deed het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden uitspraak in de zogeheten Mallorcazaak. De drie verdachten die terechtstonden voor de doodslag op Carlo Heuvelman werden vrijgesproken. Het hof veroordeelde vijf verdachten voor openlijke geweldpleging waar ook Heuvelman het slachtoffer van werd. Het hof heeft diverse vorderingen van onder andere de ouders en de partner van Heuvelman toegewezen. Tegen (de hoogte van) deze vorderingen is door een aantal verdachten cassatieberoep ingesteld.
Op 8 juli 2025 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de beslissingen van het hof met betrekking tot de vorderingen tot schadevergoeding van de ouders en van de partner van Heuvelman niet in stand konden blijven. Over de vordering van de ouders nam de Hoge Raad zelf een beslissing. De zaken zijn teruggewezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden om opnieuw een beslissing te nemen op de vordering van de partner van Heuvelman. Het hof heeft de zitting hierover gepland op 29 januari 2026.
De afgelopen maanden hebben de verdachten en de partner van Heuvelman via hun advocaten over de ontstane situatie en de vordering gesproken. Dit heeft geleid tot overeenstemming over een te betalen bedrag. Dit bedrag is inmiddels door de verdachten voldaan. Voor alle partijen is het prettig dat de rechtszaak daarmee feitelijk tot een einde is gekomen. Het hof zal op 29 januari 2026 deze zaak juridisch beëindigen. Dat zal een formaliteit zijn omdat er geen vordering meer is, die vordering is na ontvangst van de betaling door de partner van Heuvelman ingetrokken. Partijen zullen bij die zitting ook niet meer aanwezig zijn.
mrs. Fontein, Hof, Boumanjal, Hoffman en Imamkhan, namens de verdachten
mr. Bosch, namens de partner van Heuvelman